Foto: Pete Lawrence

Mercurius, de kleinste planeet van het zonnestelsel en de dichtstbijzijnde bij de zon, is paradoxaal genoeg een van de moeilijkst waarneembare planeten voor amateur astronomen. Deze rotsachtige wereld, slechts iets groter dan onze maan, bevindt zich in een gevangenis van nabijheid tot de zon die de planeet zelden ver genoeg van de zonnegloed plaatst om gemakkelijke waarneming mogelijk te maken.

Voor waarnemers die de uitdaging aangaan, biedt Mercurius een fascinerende en bevredigende ervaring die geduld, nauwkeurige planning en gunstige omstandigheden vereist. In deze uitgebreide gids verkennen we wanneer en hoe u Mercurius het beste kunt waarnemen, waarom de planeet soms spectaculair zichtbaar is terwijl hij meestal ongrijpbaar blijft, hoe helder Mercurius kan worden, en welke technieken het meest geschikt zijn voor het succesvol waarnemen van deze ongrijpbare wereld.

Wanneer is Mercurius zichtbaar?

Mercurius volgt een waarnemingscyclus die volledig wordt gedicteerd door zijn nauwe relatie met de zon. Als de binnenste planeet van het zonnestelsel, met een gemiddelde afstand van slechts 58 miljoen kilometer tot de zon, kan Mercurius nooit ver van de zon aan de hemel verschijnen. Deze beperking maakt Mercurius tot de meest uitdagende van de vijf klassieke planeten die met het blote oog zichtbaar zijn, ondanks dat hij regelmatig een respectabele helderheid bereikt. De synodische periode van Mercurius, de tijd tussen opeenvolgende gelijkaardige configuraties ten opzichte van de Aarde en de zon, bedraagt ongeveer 116 dagen of bijna vier maanden. Dit betekent dat Mercurius ongeveer drie keer per jaar door vergelijkbare fasen van zichtbaarheid gaat, afwisselend als ochtend- en avondster. Deze relatief korte cyclus biedt frequente kansen om Mercurius te observeren, hoewel niet alle van deze kansen even gunstig zijn. De waarneembaarheid van Mercurius wordt bepaald door de elongatie, de hoekafstand van de zon gezien vanaf de Aarde. De maximale elongatie van Mercurius varieert tussen ongeveer 18 en 28 graden, afhankelijk van waar Mercurius zich in zijn sterk elliptische baan bevindt. Deze relatief kleine elongatie betekent dat Mercurius nooit meer dan ongeveer twee uur voor zonsopgang of na zonsondergang zichtbaar is, en vaak aanzienlijk minder. De cyclus begint wanneer Mercurius zich in superieure conjunctie bevindt, aan de andere kant van de zon gezien vanaf de Aarde. Op dit moment is Mercurius onzichtbaar, verloren in de zonnegloed. Enkele dagen tot weken na superieure conjunctie verschijnt Mercurius aan de avondhemel, laag boven de westelijke horizon kort na zonsondergang. In deze vroege fase is de planeet klein maar bijna volledig verlicht, schijnend met een respectabele helderheid maar uitdagend om te lokaliseren vanwege de lage hoogte en de nog heldere schemering.

In de daaropvolgende weken klimt Mercurius avond na avond hoger boven de horizon en verwijdert zich verder van de zon in schijnbare positie. Deze fase duurt ongeveer drie tot vier weken en culmineert in maximale oostelijke elongatie, wanneer Mercurius het verst van de zon lijkt te staan aan de avondhemel. De precieze elongatie varieert: wanneer Mercurius zich bij maximale elongatie in aphelium bevindt (het verste punt van zijn baan), kan de elongatie 28 graden bereiken, maar bij perihelium bedraagt deze slechts ongeveer 18 graden. Na maximale elongatie beweegt Mercurius terug richting de zon terwijl de planeet ons inhaalt in zijn snellere baan. De planeet wordt een steeds grotere sikkel terwijl de afstand tot de Aarde afneemt, en de helderheid kan toenemen ondanks de afnemende verlichte fractie. Ongeveer drie tot vier weken na maximale elongatie verdwijnt Mercurius in de avondschemering en bereikt inferieure conjunctie, wanneer de planeet tussen de Aarde en de zon door beweegt. Enkele dagen tot weken na inferieure conjunctie verschijnt Mercurius opnieuw, nu als ochtendster in het oosten voor zonsopgang. De cyclus herhaalt zich in spiegelbeeld: Mercurius begint als een dunne sikkel laag aan de horizon, klimt geleidelijk hoger in de vroege ochtend, bereikt maximale westelijke elongatie ongeveer drie tot vier weken later, en daalt vervolgens terug naar de horizon terwijl de planeet richting superieure conjunctie beweegt en opnieuw verdwijnt in de ochtendschemering. Het cruciale punt voor waarnemers is dat niet alle elongaties even gunstig zijn voor waarneming. De waarneembaarheid van Mercurius hangt niet alleen af van de elongatie zelf, maar ook van de hoek waaronder de ecliptica de horizon snijdt. Dit wordt sterk beïnvloed door het seizoen en is van cruciaal belang voor waarnemers in de gematigde breedtegraden zoals de Benelux.

In het voorjaar maakt de ecliptica een steile hoek met de westelijke horizon bij zonsondergang. Dit betekent dat Mercurius als avondster hoog boven de horizon kan komen, zelfs met een relatief bescheiden elongatie. Voorjaar elongaties van Mercurius als avondster zijn daarom bijzonder gunstig voor noordelijke waarnemers. In het najaar daarentegen ligt de ecliptica vlak langs de westelijke horizon bij zonsondergang, waardoor Mercurius als avondster laag blijft ondanks een goede elongatie. Najaar elongaties als avondster zijn daarom ongunstig. Voor de ochtendschemering is de situatie omgekeerd. In het najaar staat de ecliptica steil in het oosten bij zonsopgang, wat Mercurius als ochtendster bevoordeelt en hoog boven de horizon plaatst. In het voorjaar ligt de ecliptica vlak in het oosten, waardoor Mercurius als ochtendster laag blijft en moeilijk waarneembaar is. De beste waarnemingsperiodes voor Mercurius vallen daarom wanneer maximale elongatie samenvalt met gunstige eclipticahoeken: voorjaar avondverschijningen en najaar ochtendserschijningen voor noordelijke waarnemers. Deze combinaties kunnen Mercurius tot een spectaculair object maken dat prominent aan de hemel schittert. Ongunstige combinaties daarentegen kunnen Mercurius vrijwel onwaarneembaar maken, verloren in de schemering ondanks een theoretisch goede elongatie. Een bijkomende complicatie is dat Mercurius' sterk elliptische baan (met een excentriciteit van 0,206, de hoogste van alle planeten) betekent dat elongaties die plaatsvinden bij aphelium grotere hoekafstanden opleveren maar een zwakkere Mercurius, terwijl elongaties bij perihelium kleinere elongaties maar een heldere Mercurius opleveren. De optimale waarnemingskansen vereisen daarom een combinatie van gunstige elongatie, gunstige eclipticahoek, en redelijke helderheid. Voor waarnemers in de Benelux zijn de beste Mercurius waarnemingen typisch beschikbaar tijdens voorjaar avondverschijningen (maart-mei) en najaar ochtendverschijningen (september-november), met ongeveer drie tot vier gunstige kansen per jaar wanneer alle factoren gunstig uitvallen. Tussen deze optimale periodes kan Mercurius technisch zichtbaar zijn maar zo laag aan de horizon staan dat waarneming praktisch onmogelijk wordt.

De helderheid van Mercurius

Mercurius vertoont dramatische helderheidsvariaties die zelfs extremer zijn dan die van Mars, met een schijnbare magnitude die varieert van ongeveer -2,6 op zijn helderst tot ongeveer +5,5 op zijn zwakst voor waarnemers op Aarde. Deze enorme variatie van meer dan acht magnitudes betekent dat Mercurius op zijn helderst ongeveer 1600 keer helderder is dan op zijn zwakst - een spectaculair bereik dat de planeet soms tot een opvallend object maakt en op andere momenten tot een uitdagende telescopische doelwit. De helderheid van Mercurius wordt bepaald door drie hoofdfactoren: de afstand tussen Mercurius en de zon, de afstand tussen Mercurius en de Aarde, en de fase die de planeet vertoont. Omdat Mercurius een binnenplaneet is, vertoont hij volledige fasen vergelijkbaar met Venus en de maan, variërend van volledig verlicht bij superieure conjunctie tot een dunne sikkel bij inferieure conjunctie. De afstand tussen Mercurius en de Aarde varieert dramatisch door de gecombineerde effecten van beide planeten die in verschillende snelheden om de zon draaien en de elliptische baan van Mercurius. Bij superieure conjunctie, wanneer Mercurius aan de andere kant van de zon staat, bedraagt de afstand ongeveer 220 miljoen kilometer. Bij inferieure conjunctie kan de afstand dalen tot slechts 77 miljoen kilometer wanneer de configuratie gunstig is. Deze factor van bijna drie in afstand heeft een aanzienlijk effect op de waargenomen helderheid.

De sterk elliptische baan van Mercurius betekent dat de afstand van de planeet tot de zon varieert tussen ongeveer 46 miljoen kilometer in perihelium en 70 miljoen kilometer in aphelium. Deze variatie beïnvloedt de hoeveelheid zonlicht die Mercurius ontvangt en reflecteert, met de planeet aanzienlijk helderder wanneer hij dichter bij de zon staat. De fase van Mercurius heeft de meest dramatische invloed op de zichtbare helderheid. Bij superieure conjunctie is Mercurius volledig verlicht maar staat op zijn grootste afstand van de Aarde, resulterend in een magnitude van ongeveer +1,2 tot +1,5 - vergelijkbaar met een gemiddeld heldere ster. Op dit moment is Mercurius echter onzichtbaar vanwege de nabijheid tot de zon. Naarmate Mercurius van superieure conjunctie naar maximale elongatie beweegt als avond- of ochtendster, neemt de afstand tot de Aarde af en neemt ook de verlichte fractie af. Bij maximale elongatie vertoont Mercurius typisch een halfverlichte fase vergelijkbaar met kwartmaan, en de magnitude bedraagt ongeveer -0,5 tot +0,5, afhankelijk van de precieze afstanden. Op dit moment is Mercurius vaak op zijn meest waarneembare, niet noodzakelijk op zijn helderst, omdat de combinatie van redelijke hoogte boven de horizon en goede helderheid optimaal is. De maximale helderheid van Mercurius wordt bereikt wanneer de afnemende afstand tot de Aarde en de afnemende fase optimaal balanceren. Dit gebeurt typisch ongeveer een week voor en na maximale elongatie, wanneer Mercurius een sikkelvorm vertoont met ongeveer 30 tot 40 procent van de schijf verlicht. Op deze momenten kan Mercurius een magnitude van -1,5 tot -2,6 bereiken, wat de planeet helderder maakt dan Sirius en vergelijkbaar met of zelfs helderder dan Jupiter op zijn gemiddelde helderheid.

Bij deze maximale helderheid is Mercurius werkelijk spectaculair en kan gemakkelijk worden gezien met het blote oog als een helder, witachtig lichtpunt laag aan de horizon tijdens de schemering. Veel waarnemers die Mercurius voor het eerst zien tijdens een gunstige verschijning zijn verrast door de helderheid van de planeet, die dramatisch kan contrasteren met de reputatie van Mercurius als moeilijk waarneembaar object. In de dagen direct voor en na inferieure conjunctie, wanneer Mercurius een zeer dunne sikkel wordt, daalt de helderheid snel omdat de verlichte fractie te klein wordt om de nabijheid te compenseren. Op dit moment bedraagt de magnitude ongeveer +3 tot +5, en Mercurius is typisch onwaarneembaar omdat de planeet te dicht bij de zon staat en verloren gaat in de schemering. Een interessant aspect van Mercurius' helderheid is de dichotomy effect, waarbij de helft van de verlichte schijf tijdens kwartfase niet precies samenvalt met de geometrische fase van 50 procent. Dit effect, veroorzaakt door de manier waarop het oppervlak van Mercurius zonlicht reflecteert onder verschillende hoeken, betekent dat de grootste helderheid niet precies bij geometrische kwartfase optreedt maar iets later. De albedo van Mercurius is relatief laag, ongeveer 0,142, wat betekent dat de planeet slechts ongeveer 14 procent van het invallende zonlicht reflecteert. Dit is aanzienlijk lager dan Venus of zelfs de Aarde, maar vergelijkbaar met onze maan. Het lage reflectievermogen wordt gecompenseerd door de nabijheid tot de zon, waardoor Mercurius veel zonlicht ontvangt, en de occasionele nabijheid tot de Aarde tijdens gunstige elongaties.

Hoe Mercurius waarnemen?

Mercurius vereist een fundamenteel andere benadering dan andere planeten, voornamelijk vanwege de uitdaging van het lokaliseren van de planeet laag aan de horizon tijdens de schemering.

  • Waarneming met het blote oog: Mercurius kan gemakkelijk met het blote oog worden waargenomen tijdens gunstige elongaties, maar vereist specifieke condities en planning. De essentiële vereisten zijn een volledige vrije horizon in de richting van zonsopgang of zonsondergang, bij voorkeur vanaf een hoog gelegen locatie zoals een heuvel of open vlakte waar de horizon niet wordt geblokkeerd door bomen, gebouwen of heuvels. Een zeer heldere, transparante atmosfeer is cruciaal, omdat atmosferische haze of nevel laag aan de horizon Mercurius kan verhullen. Timing is essentieel voor blote oog waarnemingen. Begin met zoeken ongeveer 20 tot 45 minuten na zonsondergang voor avondverschijningen, of 20 tot 45 minuten voor zonsopgang voor ochtendverschijningen. Op dit moment is de hemel donker genoeg om Mercurius zichtbaar te maken maar is de planeet nog boven de horizon. Het precieze moment hangt af van de seizoen, de breedte van de waarnemer, en de specifieke elongatie. Gebruik een sterrenkaartenapp of planetariumsoftware om de exacte positie van Mercurius te bepalen ten opzichte van de horizon en eventuele nabije heldere sterren of planeten. Mercurius verschijnt als een helder, witachtig tot licht roze of geel lichtpunt dat niet fonkelt, wat helpt bij het onderscheiden van sterren. De planeet blijft typisch slechts 30 tot 90 minuten zichtbaar voordat hij ondergaat of opgaat, afhankelijk van de elongatie en eclipticahoek. Tijdens zeer gunstige elongaties kan Mercurius opvallend helder zijn en prominent schitteren boven de horizon, gemakkelijk concurrerend met de helderste sterren. Tijdens ongunstige elongaties daarentegen kan de planeet laag blijven en moeilijk te lokaliseren zijn, zelfs met voorkennis van de positie. Het succesvol waarnemen van Mercurius met het blote oog tijdens een gunstige verschijning is een bevredigende ervaring die werd gewaardeerd door oude astronomen en blijft een prestatie voor moderne waarnemers.

  • Waarneming met een verrekijker: Een verrekijker is een uitstekend instrument voor Mercurius waarnemingen en kan de planeet gemakkelijker vindbaar maken dan met het blote oog. Zelfs een bescheiden verrekijker van 7x50 of 10x50 toont Mercurius als een duidelijk helder object, en de vergroting helpt bij het lokaliseren van de planeet tegen de nog heldere schemerhemel. Met een verrekijker kunt u beginnen met zoeken iets eerder dan voor blote oog waarnemingen, wanneer de hemel nog relatief helder is en Mercurius met het blote oog onzichtbaar zou zijn. De verrekijker concentreert het licht van Mercurius en verhoogt het contrast tegen de achtergrond, wat vroegere detectie mogelijk maakt. Dit verlengt het waarnemingsvenster en vergroot de kans op succes. Tijdens gunstige elongaties toont een verrekijker niet alleen Mercurius als een helder lichtpunt maar kan ook een zeer subtiele fase suggereren bij hoge vergroting en uitstekende stabiliteit. Krachtige verrekijkers van 15x70 of 20x80, gemonteerd op een stabiel statief, kunnen de fase van Mercurius duidelijker tonen, variërend van bijna vol kort na superieure conjunctie tot een halvemaan bij maximale elongatie en een sikkel in de weken ervoor en erna. Een voordeel van verrekijker waarnemingen is de mogelijkheid om te observeren tijdens de dag wanneer Mercurius voldoende ver van de zon staat. Daglicht waarnemingen elimineren het probleem van de korte beschikbaarheid tijdens schemering en kunnen uitstekende zichten bieden. Dit vereist echter nauwkeurige kennis van de positie van Mercurius en grote voorzichtigheid om te voorkomen dat per ongeluk naar de zon wordt gekeken, wat permanente oogschade kan veroorzaken.

  • Waarneming met een kleine telescoop: Telescopen met een objectiefdiameter van 60 tot 100 millimeter brengen Mercurius volledig tot leven en tonen de dramatische fasen van de planeet duidelijk. Bij vergrotingen van 50 tot 150 keer verschijnt Mercurius als een klein maar duidelijk schijfje dat door de volledige reeks fasen gaat, van bijna vol tot dunne sikkel. Het waarnemen van deze fasen is een directe demonstratie van Mercurius' baan om de zon en was historisch belangrijk bewijs voor het heliocentrische model. Galileo Galilei observeerde de fasen van Venus maar had meer moeite met Mercurius vanwege de kleinere grootte en uitdagender waarnemingscondities. Moderne waarnemers met bescheiden telescopen kunnen gemakkelijk zien wat voor Galileo een uitdaging was. De schijnbare diameter van Mercurius varieert dramatisch, van ongeveer 5 boogseconden bij superieure conjunctie tot meer dan 13 boogseconden bij inferieure conjunctie. Deze variatie is minder extreem dan bij Venus maar nog steeds aanzienlijk. De combinatie van veranderende grootte en fase maakt Mercurius tot een dynamisch waarneemobject dat over weken dramatisch verandert. Met een kleine telescoop zijn geen oppervlaktedetails op Mercurius waarneembaar. De kleine schijnbare grootte, de lage hoogte boven de horizon die vaak slechte seeing veroorzaakt, en het relatief uniforme oppervlak van Mercurius betekenen dat de planeet verschijnt als een klein, egaal gekleurd schijfje zonder waarneembare features. De kleur is typisch licht grijsachtig of beige, vergelijkbaar met onze maan, hoewel sommige waarnemers een subtiele roze of gele tint rapporteren. Een uitdaging bij telescopische waarnemingen van Mercurius is de extreme helderheid tijdens gunstige fasen gecombineerd met de nog heldere schemerhemel. Het contrast is vaak laag, wat het moeilijk maakt om scherp te focussen en de precieze vorm van de fase te bepalen. Ervaren waarnemers leren om tijdens de vroege of late schemering te observeren wanneer het contrast beter wordt, en sommigen gebruiken lichte filters om de helderheid te verminderen en het contrast te verbeteren.

  • Waarneming met een middelgrote tot grote telescoop: Telescopen van 150 millimeter en groter tonen Mercurius in meer detail en maken het mogelijk om naar zeer subtiele oppervlaktefeatures te zoeken. Bij vergrotingen van 150 tot 300 keer is de fase van Mercurius kristalhelder, en de vorm van het schijfje kan nauwkeurig worden bepaald. Ervaren waarnemers met grote telescopen en uitstekende omstandigheden rapporteren soms vage schakeringen op het oppervlak van Mercurius. Deze features zijn extreem subtiel en vereisen optimale seeing, wat zeldzaam is bij de lage hoogtes waarop Mercurius typisch wordt waargenomen. De meeste waarnemingen vinden plaats tijdens minder gunstige atmosferische condities vanwege de lage hoogte boven de horizon, wat turbulentie en chromatic aberratie veroorzaakt. De beste kansen voor het waarnemen van oppervlaktedetails komen wanneer Mercurius tijdens daglicht wordt geobserveerd op momenten van maximale elongatie, wanneer de planeet hoog genoeg boven de horizon staat om betere seeing te bieden. Daglicht waarnemingen elimineren ook het probleem van de heldere schemerhemel en kunnen uitstekend contrast bieden met de blauwe daghemel als achtergrond. Enkele waarnemers hebben gerapporteerd dat ze zwakke albedoverschillen op Mercurius hebben gezien, corresponderend met de heldere straalgebieden rond jonge inslagkraters en de donkerder gevlekte vlaktes. Deze waarnemingen blijven echter aan de grens van wat mogelijk is en zijn onderhevig aan interpretatie en mogelijke optische illusies.

Timing en atmosferische condities

Voor Mercurius waarnemingen is timing alles. De korte waarnemingsvensters tijdens schemering vereisen dat waarnemers precies weten wanneer en waar te kijken. Planetariumsoftware en astronomie apps zijn essentiële hulpmiddelen voor het plannen van Mercurius waarnemingen, met informatie over elongatie, hoogte boven de horizon, helderheid, en fase. Atmosferische transparantie is cruciaal. Haze, nevel, of wolken laag aan de horizon kunnen Mercurius volledig verhullen, zelfs tijdens gunstige elongaties. De beste waarnemingen vinden plaats na het passeren van koudefronten wanneer de atmosfeer is gereinigd, of op locaties met natuurlijk heldere lucht zoals kustgebieden met wind van zee of hoge berglocaties. De seeing bij lage hoogtes is typisch slecht vanwege de lange lichtweg door de atmosfeer en temperatuurgradiënten nabij de horizon. Het schijfje van Mercurius kan trillen en vervormen, wat het moeilijk maakt om de precieze vorm van de fase te bepalen. Geduld en het wachten op momenten van tijdelijke verbetering in de seeing kan helpen.

Mercurius fotograferen

Mercurius is een uitdagend doelwit voor astrofotografie, maar moderne technieken en apparatuur hebben het toegankelijker gemaakt voor amateur astronomen. De kleine schijnbare grootte en de uitdagende waarnemingscondities vereisen zorgvuldige planning en uitvoering. Voor basale fotografie van Mercurius tijdens schemering kan een gewone camera met een telelens worden gebruikt om de planeet vast te leggen als een helder lichtpunt boven de horizon, vaak in composities met landschapselementen of andere hemellichamen. Mercurius is helder genoeg tijdens gunstige elongaties om gemakkelijk te worden vastgelegd met belichtingstijden van enkele seconden. Voor close-up planetaire fotografie wordt Mercurius gefotografeerd op dezelfde manier als andere planeten, met high-speed video-opnames door een telescoop en lucky imaging verwerking. De fase van Mercurius wordt duidelijk vastgelegd, en de dramatische veranderingen in grootte en fase over weken kunnen gedocumenteerd worden. De uitdagingen voor high-resolution fotografie van Mercurius zijn aanzienlijk. De lage hoogte boven de horizon resulteert typisch in slechte seeing die de beeldkwaliteit beperkt. Atmosferische dispersie, waarbij verschillende kleuren licht verschillend worden gebroken, kan kleurfringing rond het schijfje veroorzaken. De heldere schemerhemel kan achtergrondlicht introduceren dat contrast vermindert. De meest succesvolle Mercurius fotografie vindt plaats tijdens daglicht waarnemingen wanneer de planeet hoog genoeg staat voor betere seeing. Sommige geavanceerde amateur astronomen hebben indrukwekkende beelden van Mercurius gemaakt die vage albedofeatures tonen, vergelijkbaar met wat ruimtesondes hebben waargenomen maar op veel lager resolutieniveau. Langetermijn fotografische projecten kunnen de fasen van Mercurius documenteren over een volledige elongatiecyclus, wat een visueel overtuigend bewijs levert van Mercurius' baan om de zon. Tijdreeksbeelden die meerdere elongaties tonen, demonstreren de repeterende cyclus van verschijningen als ochtend- en avondster.

 

Kris Christiaens

K. Christiaens

Medebeheerder & hoofdredacteur van Spacepage.
Oprichter & beheerder van Belgium in Space.
Ruimtevaart & sterrenkunde redacteur.

Dit gebeurde vandaag in 1978

Het gebeurde toen

Brokstukken van de Russische spionagesatelliet Kosmos 954 komen neer in Great Slave Lake in Canada. Deze satellite, die in September 1977 in de ruimte werd gebracht, was uitgerust met een kernreactor gevuld met 50 kilogram hoogverrijkt uranium-235. Hierdoor waren de neergekomen brokstukken radioactief en liepen de kosten hoog op om deze brokstukken te bergen. Het neerkomen van deze brokstukken in Canada veroorzaakte heel wat opschudding. In januari 1979 diende Canada bij de Sovjet-Unie officieel een schadeclaim in waarvan de Russen een groot stuk betaalden. Foto: Natural Resources Canada

Ontdek meer gebeurtenissen

Redacteurs gezocht

Ben je een amateur astronoom met een sterke pen? De Spacepage redactie is steeds op zoek naar enthousiaste mensen die artikelen of nieuws schrijven voor op de website. Geen verplichtingen, je schrijft wanneer jij daarvoor tijd vind. Lijkt het je iets? laat het ons dan snel weten!

Wordt medewerker

Steun Spacepage

Deze website wordt aan onze bezoekers blijvend gratis aangeboden maar om de hoge kosten om de site online te houden te drukken moeten we wel het nodige budget kunnen verzamelen. Ook jij kunt uw bijdrage leveren door ons te ondersteunen met uw donatie zodat we u blijvend kunnen voorzien van het laatste nieuws en artikelen boordevol informatie.

Sociale netwerken