Orbiter Processing Facility
Foto: NASA

Wanneer een Amerikaans ruimteveer terug geland was op aarde na een verblijf in de ruimte, werd dit na de landing onmiddellijk overgebracht naar de Orbiter Processing Facility (OPF) dat gelegen was ten westen van de Vehicle Assembly Building (VAB) op het Kennedy Space Center. Deze belangrijke faciliteit bestond uit drie gebouwen die elk 29 meter hoog en 60 lang waren. De OPF gebouwen waren de thuisbasis van elk ruimteveer aangezien hier de orbiters na een ruimtemissie werden gecontroleerd en werden klaargemaakt voor een nieuwe ruimtevlucht.

De Orbiter Processing Facility gebouwen werden in 1981 in gebruik genomen en deden dienst als onderhoudsgarages voor elk ruimteveer. OPF-1 was op het einde van het Space Shuttle programma de thuisbasis van het ruimteveer Atlantis terwijl OPF-2 en OPF-3 toegewijd waren aan de ruimteveren Endeavour en de Discovery. Elk ruimteveer werd na zijn ruimtemissie binnenin een OPF gebracht waar technici en ingenieurs de resterende brandstof en andere schadelijke stoffen uit het ruimteveer verwijderden. Vervolgens werd het laadruim van het ruimteveer geopend en werden alle resterende onderdelen die gebruikt werden tijdens de vorige ruimtemissie uit het laadruim verwijderd zodat dit opnieuw kon worden klaargemaakt voor een volgende ruimtemissie. Een andere belangrijke taak van de OPF's was het testen en controleren van alle onderdelen aan boord van een ruimteveer. Zo werden de vele duizenden hittebeschermende tegels van het hitteschild van elk ruimteveer hier na een ruimtevlucht uitvoerig onderzocht op schade en vervangen indien nodig. Daarnaast werden ook alle technische onderdelen van het ruimteveer hier getest en gecontroleerd door vluchtleiders van NASA die rechtstreeks in verbinding stonden met de OPF.

OPF
Het ruimteveer Atlantis wordt in de OPF-1 binnengebracht - Foto: NASA.
 

Binnenin elke OPF bevonden zich tal van metalen constructies, hangbruggen en kranen waardoor elk component van het ruimteveer vervangen of hersteld kon worden indien nodig. Zo was het onder andere mogelijk om alle drie SSME raketmotoren van het ruimteveer te verwijderen voor eventuele testen of onderhoudswerken. Elke zware vracht die met een ruimteveer mee de ruimte inging, werd via de OPF in het laadruim van de orbiter gemonteerd. Aangezien het ruimteveer zich in de OPF de hele tijd in een horizontale stand bevond, kon men hier enkel de vrachten in het laadruim monteren die een hoge massa hadden zoals onderdelen voor het ISS ruimtestation of het Spacelab ruimtelaboratorium. Alle andere lichtere vrachten werden in het laadruim gemonteerd via het lanceercomplex. Al deze werkzaamheden en testen zorgden er dan ook voor dat drie vierden van de tijd die er verstreken ging tussen elke ruimtevlucht, het ruimteveer in de Orbiter Processing Facility verbleef waarna het werd overgebracht naar de Vehicle Assembly Building (VAB) waar het werd gemonteerd aan de twee Solid Rocket Boosters (SRB) en de External Tank (ET). OPF-1 en OPF-2 bevonden zich naast elkaar en werden verbonden door een kleiner gebouw dat 8 meter hoog is en 71 meter lang was. OPF-3 bevond zich dan weer aan de overkant van de eerste twee OPF-gebouwen en kreeg in het verleden ook vaak de naam 'Orbiter Maintenance & Refurbishment Facility' waarna het enkele veranderingen onderging en uiteindelijk dienst deed als thuisbasis voor het ruimteveer Discovery.

OPF
Het ruimteveer Discovery binnenin OPF-3 - Foto: NASA.
 

Na het Space Shuttle ruimteprogramma werden de drie OPF gebouwen gebruikt om de drie resterende ruimteveren klaar te maken om tentoongesteld te worden. Alle giftige of gevaarlijke materialen werden verwijderd uit elk ruimteveer en de drie hoofdmotoren werden bij twee van de drie shuttles vervangen door dummy raketmotoren. Nadat de drie ruimteveren elk naar hun laatste rustplaats werden overgebracht, kwamen de OPF gebouwen tijdelijk leeg te staan. OPF1 werd na het vertrek van het ruimteveer Atlantis in 2012 door Boeing gehuurd om er de X37B onbemande militaire ruimtevliegtuigen te upgraden en onderhouden. OPF2 kreeg later dezelfde functie als OPF1. In 2015 heeft Boeing ook OPF3 in gebruik genomen om er de CST-100 Starliner ruimtecapsules te bouwen, te onderhouden en om deze klaar te maken voor integratie met de draagraket. OPF3 kreeg dan ook de naam 'Commercial Crew and Cargo Processing Facility'.

Het ruimteveer Endeavour binnenin de OPF-2 - Foto: NASA

Kris Christiaens

Kris Christiaens

Medebeheerder & hoofdredacteur van Spacepage.Oprichter & beheerder van Belgium in Space.Ruimtevaart & sterrenkunde redacteur.

Steun Spacepage

Deze website wordt aan onze bezoekers blijvend gratis aangeboden maar om de hoge kosten om de site online te houden te drukken moeten we wel het nodige budget kunnen verzamelen. Ook jij kunt uw bijdrage leveren door ons te ondersteunen met uw donatie zodat we u blijvend kunnen voorzien van het laatste nieuws en artikelen boordevol informatie.

100%

Dit gebeurde vandaag in 1957

Het gebeurde toen

In de Verenigde Staten wordt voor het eerst geprobeert om een satelliet in de ruimte te brengen door middel van een Vanguard raket. Twee seconden na de lancering explodeert de raket op het lanceerplatform. Opnieuw is dit een tegenslag voor het nog jonge Amerikaanse ruimtevaartprogramma dat na de lancering van de Russische Spoetnik 1 achterop loopt in de wedloop naar de ruimte. Foto: US NAVY

Ontdek meer gebeurtenissen

Redacteurs gezocht

Ben je een amateur astronoom met een sterke pen? De Spacepage redactie is steeds op zoek naar enthousiaste mensen die artikelen of nieuws schrijven voor op de website. Geen verplichtingen, je schrijft wanneer jij daarvoor tijd vind. Lijkt het je iets? laat het ons dan snel weten!

Wordt medewerker

Sociale netwerken