Dawn blijft langer rond Vesta cirkelen
De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA heeft laten weten dat de Dawn ruimtesonde veertien dagen in een baan om de planetoïde Vesta blijft cirkelen. Door deze verlenging krijgen wetenschappers meer tijd om het grote hemellichaam verder te onderzoeken en in kaart te brengen. Dawn zal nu op 26 augustus 2012, in plaats van in juli, vertrekken naar zijn tweede doel: de dwergplaneet Ceres. Tijdens de verlenging van het onderzoek zal Dawn in een lage baan om de planetoïde blijven cirkelen op een hoogte van ongeveer 210 kilometer vanwaar het onbemande ruimtetuig de samenstelling van het oppervlak en het zwaartekrachtveld van het hemellichaam verder zal bestuderen. Ondanks de verlenging zal Dawn nog steeds zoals voorzien in februari 2015 aankomen bij Ceres waar het ruimtetuig voor een tweede maal kan beginnen aan wetenschappelijk onderzoek. Dawn werd op 27 september 2007 vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in de ruimte gebracht en is het eerste ruimtetuig dat in een baan rond een hemellichaam zal gaan vliegen, verkenningswerk zal uitvoeren, en dan weer door zal vliegen naar een ander hemellichaam. Sinds half juli 2011 bevindt Dawn zich al in een baan om Vesta. Dankzij zijn lage baan om de planetoïde zijn onderzoekers erin geslaagd het hemellichaam gedetailleerd in kaart te brengen en heeft men ondermeer verschuivingen in het oppervlak ontdekt.
Wetenschappers ontdekken dat de Maan recent geologisch actief was
Wetenschappers zijn aan de hand van beelden, die gemaakt werden door de Amerikaanse Lunar Reconnaissance Orbiter (LRO), tot de conclusie gekomen dat de Maan recent geologische activiteit gekend heeft. Zo werden op het Maanoppervlak lange smalle geulen ontdekt die wijzen op tektonische activiteit die ongeveer vijftig miljoen jaar oud is (leeftijd van de Maan: 4,5 miljard jaar). Deze ontdekking is vrij opvallend aangezien deze geulen, ook wel 'graben' genoemd, ontstaan doordat de korst zich 'uitrekt' waardoor er scheuren ontstaan in het Maanoppervlak. Deze scheuren zorgen uiteindelijk voor grondverzakkingen. In 2010 ontdekte men dat de kern van de Maan langzaam afkoelt. Hierdoor 'krimpt' onze trouwe buur waardoor de korst wordt samengedrukt en er nieuwe bergen gevormd worden. De aanwezigheid van de 'graben' verteld wetenschappers dat er krachten op de Maan werkzaam zijn die de Maankorst uit elkaar trekken. Dit wijst er dan weer op dat de kracht van de krimpende Maan wellicht niet zo groot is. De onderzoekers hopen dat ze op een dag de exacte leeftijd van de graben kunnen achterhalen aangezien deze informatie van groot belang is voor verder geologisch Maanonderzoek. De Amerikaanse Lunar Reconnaissance Orbiter heeft tot op heden nog maar de helft van het Maanoppervlak in hoge resolutie in beeld gebracht waardoor wetenschappers er van overtuigd zijn dat ze in de toekomst wellicht nog veel meer gaan ontdekken over het Maanoppervlak.
NASA kiest niet voor Mars
Op maandag 13 februari 2012 heeft de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA zijn begroting voor 2013 gepresenteerd. Deze loopt van 1 oktober 2012 tot en met 30 september 2013 en bedraagt in totaal 17,7 miljard dollar. Van bezuinigingen is er niet veel te merken aangezien het NASA-budget in 2012 slechts 59 miljoen dollar meer bedroeg (0,3% meer). Wat wel enorm opvalt aan de begroting voor 2013 is dat NASA fors bespaart op planeetonderzoek. Zo gaat het voorziene budget voor Amerikaans planeetonderzoek met ongeveer 20% omlaag. In de praktijk wil dit zeggen dat NASA de stekker trekt uit de geplande ExoMars Trace Gas Orbiter die NASA in 2016 zou lanceren. Daarnaast zal NASA ook geen bijdrage meer leveren aan de internationale ExoMars rovermissie. In 2009 had NASA nog beloofd om ongeveer 1 miljard euro te investeren in dit project. Voor het Europese ruimtevaartagentschap ESA en zijn lidstaten is dit zeer slecht nieuws aangezien de ExoMars Marsrover een Amerikaans-Europees project was. Europa hoopt nu dat het ExoMars-project toch nog kan gered worden met Rusland als nieuwe partner. Waar wel meer geld wordt aan uitgegeven binnen het NASA-budget voor 2013 is nieuwe ruimtevaarttechnologie en commerciële bemande ruimtevaart. Zo zal NASA aan de ontwikkeling van een nieuwe, zware draagraket en bijhorende bemande ruimtecapsule in 2013 maar liefst 2,9 miljard dollar spenderen. Het voorziene budget voor de opvolger van de Hubble ruimtetelescoop, de James Webb Space Telescope, blijft met zijn 628 miljoen dollar ook ongewijzigd.
NASA gaat slordig om met monsters uit de ruimte
Uit een uitgebreid onderzoek is gebleken dat de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA niet zo zuinig omspringt met de zeer kostbare monsters die afkomstig zijn uit de ruimte. De afgelopen veertig jaar heeft NASA vele honderden stukjes maansteen en meteorieten uitgeleend aan wetenschappers, wetenschappelijke instellingen en musea. Nu is uiteindelijk gebleken dat meer dan vijfhonderd van deze monsters zijn zoekgeraakt of werden gestolen. Volgens NASA valt dit aantal eigenlijk nog mee aangezien de meeste van de 26 000 uitgeleende monsters terug werden gebracht. De ruimtevaartorganisatie is dan ook niet van plan het uitlenen van monsters stop te zetten. Het onderzoek richtte zich ondermeer naar 59 Amerikaanse wetenschappers die materiaal uit de ruimte van NASA hadden uitgeleend. Elf van de 59 wetenschappers konden niet alle monsters meer terugvinden, enkele andere wetenschappers bleken al overleden te zijn en nog anderen bleken verhuisd te zijn. Opvallend is wel dat tientallen stukjes maansteen nog bij twee wetenschappers bleken te liggen die ze al meer dan vijftien jaar geleden hadden geleend van NASA. Eén van de wetenschappers bleek zelfs al 35 jaar in het bezit te zijn van negen kostbare maansteentjes die hij vandaag de dag nog steeds niet heeft onderzocht. NASA zit ondertussen wel verveeld met de resultaten van het onderzoek aangezien de Verenigde Staten nieuwe dure missies plannen waarbij men bodemmonsters van andere hemellichamen wil naar de Aarde brengen.
Voor het eerst atmosfeer onderzocht van een superaarde
Een internationaal team van astronomen is er in geslaagd om de atmosfeer van een zogenaamde 'superaarde' te analyseren. De exoplaneet GJ 1214b werd in 2009 ontdekt door middel van ESO's 3,6 meter telescoop in Chili en werd hierna uitvoerig onderzocht met het FORS-instrument van ESO’s Very Large Telescope (VLT). GJ 1214b is ongeveer 2,6 maal zo groot en ongeveer 6,5 maal zo zwaar als de Aarde en zijn moederster staat op ongeveer 40 lichtjaar van onze planeet. Doordat GJ 1214b slechts 2,6 maal zo groot is als de Aarde behoort deze exoplaneet tot de klasse van de 'superaardes'. De exoplaneet draait op een afstand van slechts twee miljoen kilometer rond zijn moederster die zich in het sterrenbeeld Slangendrager bevindt. De analyses van de onderzochte atmosfeer tonen aan dat de atmosfeer van GJ 1214b ofwel grotendeels uit stoom bestaat of gehuld is dikke bewolking met mist. Astronomen spreken van een mijlpaal in het onderzoek naar exoplaneten aangezien dit de eerste keer is dat men een atmosfeer analyseert van een exoplaneet die slechts enkele malen groter is dan de Aarde.
Derde ATV genoemd naar Edoardo Amaldi
De derde Europese Automated Transfer Vehicle (ATV) werd genoemd naar de Italiaanse wetenschapper en ruimtevaartpionier Edoardo Amaldi. Het Europese ruimtevaartagentschap ESA wil hierdoor de Italiaan eren die ook wel de vader wordt genoemd van de Italiaanse ruimtevaart. Amaldi was in de 20ste eeuw een zeer belangrijk persoon binnen de Italiaanse wetenschap. In de jaren '30 maakte Edoardo Amaldi deel uit in Rome van een groep jonge wetenschappers die onder leiding van Enrico Fermi de eerste kernreactor ontwikkelden. Amaldi bleef zich hierna verdiepen in nucleair onderzoek en was in de jaren '70 een pionier in het onderzoek naar gravitatiegolven. In 2008 bewees de Europese onbemande bevoorradingsmodule zijn kunnen toen de eerste ATV, genaamd Jules Verne, een vlekkeloze demonstratievlucht maakte en 4,5 ton aan cargo naar het ISS bracht. De 20 ton zware ATV's spelen een heel belangrijke rol binnen de Europese ruimtevaart en moeten om de 17 maanden het internationaal ruimtestation bevoorraden. Naast het leveren van een grote hoeveelheid cargo kunnen de ATV's ook het ruimtestation in een hogere baan om de Aarde brengen. De tweede ATV werd genoemd naar Johannes Kepler en moet eind 2010 de ruimte in gebracht worden door een Europese Ariane 5 draagraket.
Hoop voor Marsrover Spirit
Bij een test van het rechtervoorwiel van de Marsrover (MER) Spirit op 12 december keek men verbaast op toen het wiel een klein beetje draaide. Dit wiel, één van de zes van het wagentje, is al sinds maart 2006 buiten werking en zorgde ervoor dat de Spirit alleen nog maar achteruit kon rijden. NASA heeft alleen vlak na de storing toen nog geprobeerd of het wiel nog werkte maar daarna niet meer. In de test van afgelopen zaterdag bleek dat de motor van het wiel een normale weerstand had terwijl verondersteld werd dat het elektrische circuit verbroken was. Sinds twee weken werkt ook het rechterachterwiel niet meer en reageerde tijdens de test ook niet. Dat betekende dat de Spirit voorgoed zou vastzitten in de kuil los zand waarin het al sinds april 2009 vast zit. Maar er is nu weer hoop voor de Marsrover, die samen met zijn tweelingbroertje Opportunity al sinds 2004 op Mars onderzoek verricht.
ESA centra: ESAC
Het European Space Astronomy Centre (ESAC) is de thuisbasis van het ESA's astronomisch onderzoek. Dit centrum is gevestigd in Villafranca del Castillo nabij Madrid in Spanje en werd in februari 2008 plechtig geopend door ondermeer de Spaanse Kroonprins. Het ESAC vormt de basis van de operationele centra die astronomisch en planetair onderzoek verrichten. Zo bestuderen wetenschappers vanuit het ESAC als eersten de data die afkomstig is van verschillende Europese ruimtetelescopen en ruimtesondes. Sinds 2009 maakt het Data Processing Ground Centre voor ESA's Soil Moisture and Ocean Salinity eveneens deel uit van het ESAC. Een belangrijk onderdeel dat deel uitmaakt van het ESAC is ESA's deep-space antenna dat zich eveneens in Spanje bevindt.
Astronomen ontdekken lichtste exoplaneet ooit
Astronomen zijn er in geslaagd om de tot op heden lichtste exoplaneet te ontdekken. Deze ontdekking werd op 21 april 2009 bekend gemaakt door de European Southern Observatory (ESO) en is opnieuw een belangrijke stap in de zoektocht van een planeet als onze Aarde rondom een andere ster. De exoplaneet Gliese 581 e werd ontdekt met de HARPS spectrograaf op de 3,6 meter ESO telescoop in het Chileense La Silla. De beroemde planetenjager Michel Mayor ontdekte een vijfde planeet rondom de ster Gliese 581 die 1,9 maal de massa heeft van de Aarde. De planeet draait één maal om de 3,15 dagen rondom zijn moederster en bevindt zich op ongeveer 20,5 lichtjaar van ons. Tot op heden is dit de minst zware planeet die ooit ontdekt werd rondom een andere ster en wetenschappers zijn er dan ook vrij zeker van dat het hier gaat om een gesteenteplaneet zoals de Aarde, Mars, Venus en Mercurius in ons zonnestelsel. Het planetenstelsel bevindt zich in het sterrenbeeld Libra en de moederster is een zogenaamde rode dwergster. Gliese 581 e bevindt zich echter niet in de levensvatbare zone rondom de ster waardoor vloeibaar water of eventueel leven op deze exoplaneet onmogelijk zijn. De ESO maakte ook bekend dat een andere exoplaneet in het Gliese 581 planetenstelsel zich nu toch in de levensvatbare zone zou bevinden. Door een herberekening zou Gliese 581 d de eerste exoplaneet zijn waarvan men vermoed dat deze beschikt over vloeibaar water. Vandaag de dag werden al 346 planeten ontdekt rondom andere sterren en aan deze laatste ontdekkingen ging meer dan vier jaar onderzoek vooraf.