Een nadere blik op Centaurus A
Deze nieuwe opname van de Europese Zuidelijke Sterrenwacht toont het vreemde sterrenstelsel Centaurus A. Met een totale belichtingstijd van meer dan vijftig uur is dit waarschijnlijk de langst belichte opname die ooit van dit merkwaardige en spectaculaire object is gemaakt. Bij de opname is gebruik gemaakt van de Wide Field Imager van de 2,2-meter MPG/ESO-telescoop van de ESO-sterrenwacht op La Silla, in Chili. Centaurus A, ook bekend als NGC 5128 (1), is een uitzonderlijk, zwaar elliptisch sterrenstelsel met een superzwaar zwart gat in zijn hart. Het bevindt zich op een afstand van bijna 12 miljoen lichtjaar in het zuidelijke sterrenstelsel Centaurus en is het meest opvallende radiostelsel aan de hemel. Astronomen denken dat de heldere kern, de sterke radiostraling en de jetstructuren van Centaurus A moeten worden toegeschreven aan een centraal zwart gat dat honderd miljoen keer zo zwaar is als de zon. Materie uit de dichte centrale delen van het stelsel straalt enorme hoeveelheden energie uit terwijl zij naar het zwarte gat toe valt.
Wetenschappers ontdekken dat de Maan recent geologisch actief was
Wetenschappers zijn aan de hand van beelden, die gemaakt werden door de Amerikaanse Lunar Reconnaissance Orbiter (LRO), tot de conclusie gekomen dat de Maan recent geologische activiteit gekend heeft. Zo werden op het Maanoppervlak lange smalle geulen ontdekt die wijzen op tektonische activiteit die ongeveer vijftig miljoen jaar oud is (leeftijd van de Maan: 4,5 miljard jaar). Deze ontdekking is vrij opvallend aangezien deze geulen, ook wel 'graben' genoemd, ontstaan doordat de korst zich 'uitrekt' waardoor er scheuren ontstaan in het Maanoppervlak. Deze scheuren zorgen uiteindelijk voor grondverzakkingen. In 2010 ontdekte men dat de kern van de Maan langzaam afkoelt. Hierdoor 'krimpt' onze trouwe buur waardoor de korst wordt samengedrukt en er nieuwe bergen gevormd worden. De aanwezigheid van de 'graben' verteld wetenschappers dat er krachten op de Maan werkzaam zijn die de Maankorst uit elkaar trekken. Dit wijst er dan weer op dat de kracht van de krimpende Maan wellicht niet zo groot is. De onderzoekers hopen dat ze op een dag de exacte leeftijd van de graben kunnen achterhalen aangezien deze informatie van groot belang is voor verder geologisch Maanonderzoek. De Amerikaanse Lunar Reconnaissance Orbiter heeft tot op heden nog maar de helft van het Maanoppervlak in hoge resolutie in beeld gebracht waardoor wetenschappers er van overtuigd zijn dat ze in de toekomst wellicht nog veel meer gaan ontdekken over het Maanoppervlak.
Convectieprocessen waargenomen in randgebieden van zonnevlekken
Astronomen van een Zweedse en Noorse universiteit zijn er dankzij de Zweedse 1-meter zonnetelescoop op het Canarische eiland La Palma in geslaagd om meer te weten te komen over de structuur van zonnevlekken. Een zonnevlek is een relatief donkere gebied op het oppervlak van de Zon dat bestaat uit een donkere kern (umbra) met daarrond een wat lichtere rand (penumbra). Het aantal zonnevlekken dat we zien, hangt samen met de activiteit van de Zon. Hoe meer zonnevlekken, hoe actiever de Zon is. De reden waarom zonnevlekken vlekken donker zijn, is omdat deze plekken koeler zijn dan de rest van het zonsoppervlak. Zo ligt de temperatuur bij zonnevlekken ongeveer 1 000 tot 1 500 graden lager dan hun omgeving. Wetenschappers wisten al dat het ontstaan van zonnevlekken verband houdt met intense magnetische velden op de Zon die de toevoer van hete materie uit het zonsinwendige hinderen. Uit nieuwe waarnemingen blijkt nu dat de wat lichtere gekleurde rand rondom de kern van een zonnevlek is opgebouwd uit dunne dradige structuren. Deze zogenaamde filamenten bestaan uit snel opstijgend en neerdalend gas. Het opstijgend gas heeft een snelheid van 10 800 kilometer per uur. Dankzij deze waarnemingen weten astronomen nu dat in de lichtere randgebieden van zonnevlekken dezelfde convectieprcessen actief zijn dan elders op het zonsoppervlak. Computermodellen hadden deze convectieprocessen wel voorspeld maar ze werden in het verleden nog nooit direct waargenomen.