NOAA maakt nieuwe voorspelling van de 24ste zonnecyclus
Een team van internationale experten van het NOAA Ruimteweervoorspellingscentrum heeft een nieuwe voorspelling gemaakt voor de 24ste zonnecyclus die na een zwakke start in december 2008 eindelijk van start is gegaan. Het maximum zou pas binnen 4 jaar aanbreken in mei 2013 met een maximum zonnevlekkengetal van 90, dit zou dan ook de zwakste cyclus sinds 1928 zijn. Ook al staan we aan de start van een zwakkere cyclus, het neemt alvast niet weg dat er grote zonneuitbarstingen kunnen ontstaan.
De 24ste cyclus lijkt dan toch op gang te komen met twee nieuwe gebieden die aan de rand van de zon verschijnen en de activiteit terug wat naar omhoog duwen. Hou dus zeker onze ster in het oog!
Voorspellingen van zonsverduisteringen
Geometrie
Onderstaand diagram toont de uitlijning van de zon, maan en Aarde tijdens een zonsverduistering. Het donkergrijze gebied onder de maan is de umbra, waar de zon volledig bedekt wordt door de maan. Het kleine gebied waar de umbra de Aarde raakt, is de plaats waar de totale zonsverduistering kan gezien worden. Het grotere lichtgrijze gebied is de penumbra of bijschaduw waarin een gedeeltelijke zonsverduistering gezien wordt.
Cepheïden
De lichtkracht van een ster verandert voortdurend. Dit kan gebeuren op lange periode, meestal afhankelijk van de ontwikkelingsfase waarin de ster zich bevindt, maar ook op korte periode, regelmatig of onregelmatig door pulsaties.
Cepheïden zijn een speciale klasse van pulserende sterren die met regelmaat pulseren over een tijdspanne van een paar dagen. Ze zijn vernoemd naar de eerst ontdekte van deze klasse, Delta Cepheï, de op 3 na helderste ster in het sterrenbeeld Cepheus. Sterren van het Cepheïde type hebben een variërende lichtserkte als gevolg van hun pulsaties, waarbij de grootte van de ster ook verandert naarmate in welke fase van de cyclus hij zit. Cepheïden herkent men aan zeer regelmatige periodieke schommelingen in helderheid. Deze groep intrinsiek variabele sterren bestaat voornamelijk uit superreuzen die 500 tot 25 000 keer helderder zijn dan onze zon en hebben op hun maximum een temperatuur van om en bij de 10 000°C. Niet echt een reuzeverschil met onze zon maar een groter oppervlak straalt ook meer licht uit. Om even een vergelijking mee te geven: onze zon heeft een middellijn van 1 392 000km, Delta Cepheï heeft ruwweg 47 000 000km.

Artistieke impressie van de Cepheïden in onze omgeving - ESO
Wat is zonneactiviteit?
Het aantal zonnevlekken en magnetische polariteit van zonnevlekken varieert met een periode van ongeveer 11 jaar (22 jaar magnetische). Rond het zonneminimum zijn er weinig zonnevlekken zichtbaar en kan het gebeuren dat de zon enkele dagen volledig blanco is. Ongeveer 18 maanden voordat de oude cyclus eindigt, kunnen al enkele vlekken van de nieuwe cyclus op de zon verschijnen nabij 25 graden noorderbreedte of zuiderbreedte, met de overblijvende zonnevlekkengroepen die zich op beide zijden van de evenaar bevinden. Nadat de zonnevlekken uit de oude cyclus "gestorven" zijn, zullen de nieuwe vlekken groter worden en zullen er meer nieuwe vlekken gevormd worden. Met deze sprong in zonnevlekkenvorming verspreiden deze vlekken zich naar hogere breedtegraden tot 30 graden noordelijk of zuidelijk, die aangeven dat de nieuwe cyclus aan het opkomen is (enkele kortdurende zonnevlekken kunnen ontstaan tot 70 graden noordelijk of zuidelijk). De zonnevlekken vormen zich in verscheidene groepen, bestaande uit een grotere dominante zonnevlekleider of zonnevlekkenleider, vaak gevolgd aangezien de zon draait door wat kleinere staartvlekken. De activiteit verspreidt zich ook in locatie, met elke hemisfeer die een onregelmatige brede gordel vormt van zonnevlekkenactiviteit die langzaam naar de evenaar drijft wanneer de cyclus verdergaat.