Zwitserland gaat ruimteafval opruimen
Het grootste probleem waarmee ruimtevaartnaties de volgende jaren zullen geconfronteerd worden, is ongetwijfeld de problematiek rond ruimteafval. Volgens de laatste schattigen bevinden er zich meer dan een half miljoen onderdelen en brokstukken afkomstig van rakettrappen, satellieten of ruimtetuig rondom de Aarde die variëren in grootte van enkele centimeters tot enkele meters. Het probleem wordt zo erg dat het internationaal ruimtestation ISS al verschillende malen heeft moeten uitwijken in zijn baan om de Aarde omwille van een dreigende botsing met een stuk ruimteafval. Om dit probleem op te lossen hebben Zwitserse ingenieurs en wetenschappers een nieuw project opgestart dat de naam 'CleanSpace One' kreeg. Zo zal men een kleine satelliet ontwikkelen die, eenmaal in de ruimte, een andere kleine niet-operationele satelliet moet vastgrijpen waarna beiden uiteindelijk zullen opbranden in de atmosfeer van de Aarde. De CleanSpace One kunstmaan moet in 2015 al gelanceerd worden en heeft tijdens zijn demonstratiemissie als taak om de kleine Zwitserse SwissCube nanosatelliet op te ruimen. CleanSpace One wordt ontwikkeld en gebouwd door het Swiss Space Center en zal dertig centimeter lang zijn. Het grote voordeel van een dergelijk systeem is dat het vrij goedkoop is en dat universiteiten en studenten betrokken worden bij de ontwikkeling. De grootste uitdaging voor de Zwitserse ingenieurs is om een robotarm te ontwikkelen waarmee CleanSpace One de andere satelliet kan 'vastgrijpen'. Indien dit project slaagt, hoopt Zwitserland meer van deze 'opruim-satellieten' te kunnen bouwen die later ook grotere stukken ruimteafval moeten kunnen opruimen.

ISS-bewoners moeten ruimtestation even evacueren
De zes ruimtevaarders aan boord van het internationaal ruimtestation ISS hebben zich op dinsdag 28 juni 2011 even moeten begeven aan boord van de Russische Sojoez ruimtetuigen aangezien een stuk ruimtepuin gevaarlijk dicht bij het ISS kwam. Een radar op Aarde merkte het stuk ruimtepuin op waarna men concludeerde dat het stuk afval zich in de veiligheidszone rond het ISS begaf. Het stuk schroot zou het ISS uiteindelijk naderen tot op 240 meter. Toen bleek dat het ISS niet geraakt was, konden de zes ruimtevaarders zich opnieuw aan boord van het ruimtestation begeven. De veiligheidszone rond het ruimtestation heeft de vorm van een rechthoek en is 1,5 bij 50 kilometer groot (25 kilometer aan weerszijden van het ISS en 750 meter boven en onder het ISS). Telkens wanneer zich een stuk ruimtepuin in deze zone begeeft, moeten de ISS-bewoners uit veiligheidsredenen het ruimtestation tijdelijk evacueren door zich te begeven aan boord van de twee Sojoez ruimtetuigen. Wanneer er een botsing zou zijn tussen een stuk afval en het ISS kan de crew zich onmiddelijk terug naar de Aarde begeven met de Sojoez terugkeercapsules die dan dienst doen als reddingssloep. Tot op heden werd dit nog nooit toegepast. Wanneer een stuk ruimtepuin het ISS nadert, kan het ruimtestation zich ook op eigen kracht in een hogere baan om de Aarde brengen. Aangezien dit stuk afval echter te laat werd opgemerkt, kon men een baanmanoeuvre niet meer uitvoeren. Rondzwevend ruimtepuin wordt vandaag de dag een steeds groter probleem in de bemande ruimtevaart. De Amerikaanse luchtmacht schat dat er ongeveer 11 000 stukjes ruimteschroot rond de Aarde rondzweven die groter zijn dan 7 centimeter.