Spacepage RSS
Spacepage op YouTube
Spacepage op Twitter
Spacepage op Facebook
Advertentie

Falcon 9De lancering van de Amerikaanse Dragon ruimtecapsule is op zaterdagochtend net voor 'lift-off' stopgezet. Kort na het ontsteken van de negen Merlin raketmotoren, onderaan de Falcon 9 draagraket, werd de lancering stopgezet aangezien de vluchtcomputer een probleem opmerkte in de parameters van één van de raketmotoren. Normaal had de onbemande ruimtecapsule vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in Florida voor de eerste maal moeten gelanceerd worden richting het internationaal ruimtestation ISS. Twee dagen na de lancering zou het ruimtetuig uiteindelijk aankomen bij het ruimtestation waarna men het ruimtetuig door middel van een robotarm zou 'vastgrijpen' en vasthechten aan één van de ISS-modules. Zowel de Falcon 9 raket alsook de Dragon ruimtecapsule werden ontwikkeld en gebouwd door het Amerikaanse commerciële ruimtevaartbedrijf SpaceX. Deze lancering is de tweede missie uit NASA's Commercial Orbital Transportation Services (COTS) programma waarbij men de bevoorrading van het ISS wil uitbesteden aan Amerikaanse private bedrijven. De eerstvolgende lanceerpoging om de Dragon ruimtecapsule in de ruimte te brengen, is op dinsdag 22 mei om 09u44 Belgische tijd.

Discussieer hier mee over de Dragon ruimtecapsule en de COTS Demo Flight 2 ruimtemissie!

Gepubliceerd in Commerciële ruimtevaart
donderdag, 19 april 2012 19:01

Dawn blijft langer rond Vesta cirkelen

DawnDe Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA heeft laten weten dat de Dawn ruimtesonde veertien dagen in een baan om de planetoïde Vesta blijft cirkelen. Door deze verlenging krijgen wetenschappers meer tijd om het grote hemellichaam verder te onderzoeken en in kaart te brengen. Dawn zal nu op 26 augustus 2012, in plaats van in juli, vertrekken naar zijn tweede doel: de dwergplaneet Ceres. Tijdens de verlenging van het onderzoek zal Dawn in een lage baan om de planetoïde blijven cirkelen op een hoogte van ongeveer 210 kilometer vanwaar het onbemande ruimtetuig de samenstelling van het oppervlak en het zwaartekrachtveld van het hemellichaam verder zal bestuderen. Ondanks de verlenging zal Dawn nog steeds zoals voorzien in februari 2015 aankomen bij Ceres waar het ruimtetuig voor een tweede maal kan beginnen aan wetenschappelijk onderzoek. Dawn werd op 27 september 2007 vanop de Cape Canaveral lanceerbasis in de ruimte gebracht en is het eerste ruimtetuig dat in een baan rond een hemellichaam zal gaan vliegen, verkenningswerk zal uitvoeren, en dan weer door zal vliegen naar een ander hemellichaam. Sinds half juli 2011 bevindt Dawn zich al in een baan om Vesta. Dankzij zijn lage baan om de planetoïde zijn onderzoekers erin geslaagd het hemellichaam gedetailleerd in kaart te brengen en heeft men ondermeer verschuivingen in het oppervlak ontdekt. 

Toen het Amerikaanse Space Shuttle tijdperk in 2011 ten einde kwam, werd het al gauw duidelijk dat commerciële ruimtevaartbedrijven een steeds grotere rol zouden gaan spelen in de bemande ruimtevaart. Eén van de grote spelers op vlak van commerciële ruimtevaart is het Amerikaanse bedrijf Space Exploration Technologies Corporation (SpaceX) dat in 2002 opgericht werd door ondermeer Elon Musk die eerder ook al één van de mede-oprichters was van PayPal. In eerste instantie richtte SpaceX zich vooral op de ontwikkeling van een eigen draagraket maar in 2005 liet het jonge ruimtevaartbedrijf ook weten een eigen ruimtecapsule te ontwikkelen dat zowel vracht alsook mensen in de ruimte moet brengen. Het ontwerp van dit ruimtetuig werd door het Amerikaanse ruimtevaartagentschap NASA positief onthaald met als gevolg dat SpaceX een contract ondertekende met NASA voor de bevoorrading van het internationaal ruimtestation ISS. Door dit contract mag SpaceX in opdracht van NASA twaalf onbemande ISS-bevoorradingsvluchten uitvoeren en werd het bedrijf officieel één van de twee commerciële partners in de bevoorrading van het internationaal ruimtestation. De kosten voor de demonstratievluchten worden door NASA in het kader van een ontwikkelstimulatieprogramma (Commercial Orbital Transportation Services - COTS) gefinancierd.

Gepubliceerd in Ruimtetuigen
dinsdag, 17 april 2012 15:01

Vaarwel Discovery!

Shuttle ferryOp het Amerikaanse Kennedy Space Center in Florida heeft men op dinsdag 17 april 2012 afscheid genomen van het ruimteveer Discovery. Het meer dan zestig ton zware ruimteveer, dat bij NASA gekend is onder de naam 'OV-103', vertrok om 12u58 Belgische tijd op de rug van een omgebouwde Boeing 747 richting Washington waar het ruimtetuig in de nabije toekomst zal te bewonderen zijn in het prestigieuze Smithsonian Institution's National Air and Space Museum. De combinatie Boeing 747/Discovery heeft samen een gewicht van maar liefst 316 ton. NASA gebruikte tijdens het Space Shuttle tijdperk twee aangepaste Boeing 747 vliegtuigen om de ruimteveren over te brengen van Californië naar het Kennedy Space Center. Na het opstijgen vanop de Space Shuttle landingsbaan vloog de Boeing 747 met de Discovery op lage hoogte over het Kennedy Space Center waarna het gevaarte begon aan een vlucht van meer dan vier uur. Het vertrek van Discovery werd in en rond het Kennedy Space Center door honderden toeschouwers aanschouwt. In Washington vloog de Boeing met daarop Discovery over enkele nationale monumenten zoals het Capitool. Omstreeks 17u05 Belgische tijd landde de Boeing 747 uiteindelijk op de Dulles luchthaven in Washington waardoor de laatste vlucht van Discovery erop zat. In de zomer van 2011 kwam officieel een einde aan het Space Shuttle tijdperk en werd beslist de drie resterende ruimteveren te verhuizen naar musea in de Verenigde Staten om op deze manier meer mensen warm te maken voor ruimtevaart, wetenschap en technologie. Nadat men eind de jaren '70 was begonnen aan de bouw van de Discovery ging het ruimteveer op 30 augustus 1984 voor het eerst de ruimte in tijdens de STS-41-D missie. Alles samen maakte Discovery 39 bemande ruimtevluchten en bracht het tuig 252 mensen in een baan om de Aarde. Onder de 31 satellieten die Discovery uitzette in de ruimte is de legendarische Hubble Space Telescope wellicht de meest bekende. Daarnaast koppelde Discovery zich ook éénmaal aan het Russische Mir ruimtestation en dertien maal aan het internationaal ruimtestation ISS. Later dit jaar zal ook NASA's ruimteveer Endeavour overgebracht worden naar het California Science Center.

Gepubliceerd in Space Shuttle
donderdag, 05 april 2012 05:33

Ruimtevaart in ons dagelijks leven

Vandaag de dag worden we in ons dagelijks leven steeds meer geconfronteerd met spitstechnologie en innovatieve uitvindingen. Tal van nieuwe technologieën, medische hoogstandjes en innovaties kennen hun oorsprong uit de ruimtevaart en hebben een onmisbare plaats ingenomen in onze eigen leefwereld en bijhorende maatschappij. Zo vinden we het vandaag de dag heel normaal dat onze auto zegt welke route we moeten nemen, we elk orgaan in ons lichaam zeer gedetailleerd kunnen zien op een scan of dat we op een matras slapen die zich vormt naar de contouren van ons lichaam. Helaas wordt er zelden vermeld dat al deze technologieën hun oorsprong hebben in de ruimtevaart en dat deze wereldwijd voor vele duizenden jobs zorgen in verschillende sectoren. Het proces waarbij nieuwe technologie uit de ruimtevaart zijn weg vindt naar ons dagelijks leven noemen we een ‘spin-off’. Geschat wordt dat de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA alleen al de afgelopen vijftig jaar meer dan 1 650 spin-offs ontwikkelde die vandaag de dag toegepast worden in de informatica, landbouw, geneeskunde, transportsector, industrie en pharmaceutica. In dit artikel wordt een overzicht gegeven van enkele van de vele technologieën en innovaties die de ruimtevaart ons de agelopen vijftig jaar gebracht heeft. Zonder er bij stil te staan, worden veel van deze voorbeelden ongetwijfeld door u en vele anderen in ons dagelijks leven gebruikt.

Gepubliceerd in Algemene info
vrijdag, 09 maart 2012 09:42

Mariner 10

Mariner 10 was een Amerikaanse onbemande ruimtemissie waarbij een ruimtetuig een bezoek bracht aan de planeten Venus en Mercurius. Dit was de laatste missie uit NASA’s Mariner programma en was de eerste missie waarbij een ruimtetuig een bezoek bracht aan de kleine planeet Mercurius. Met deze laatste Mariner missie wou men zoveel mogelijk leren over de planeet Mercurius die zich in ons zonnestelsel het dichtst bij de Zon bevindt. Daarnaast wou men met de Mariner 10 voor het eerst ook het principe achter de interplanetaire zwaartekrachtslinger uittesten door het ruimtetuig op zijn reis naar Mercurius langs de planeet Venus te laten vliegen. Hierdoor zou Mariner 10 een extra versnelling krijgen en zou zijn baan gewijzigd worden. Deze techniek zou later nog zeer vaak toegepast worden bij onbemande ruimtemissies waarbij ruimtetuigen bezoekjes brachten aan meer dan één planeet in ons zonnestelsel. Dankzij de Mariner 10 ruimtemissie kregen we ondermeer voor het eerst een blik te zien van het verlaten oppervlak van Mercurius en beschikten ingenieurs nu over een nieuwe techniek om ruimtetuigen het zonnestelsel te laten verkennen.

Gepubliceerd in Missies naar Mercurius

Tijdens de eerste Wereldoorlog (1914-1918) werden vliegtuigen, naast bombardementen en luchtgevechten, tevens ingezet als fotografisch platform voor verkenningen van het vijandelijk gebied. Dankzij de ervaringen van deze bemanningen werd niet alleen de luchtfotografie verwezenlijkt maar werd tevens het nut van de luchtvaart voor astronomische doeleinden ingezien. Het gebruik van sterrenkundige apparatuur aan boord van vliegtuigen stamt uit de jaren '20 en richtte zich uitsluitend op zonnewaarnemingen. De voordelen van het inzetten van vliegtuigen voor zonsverduisteringen zijn legio; waarnemingen boven de wolken op de gewenste geografische locatie, langere tijd in de schaduw vertoeven en waarnemen met infrarood telescopen boven de vochtigste lagen van de troposfeer. Wellicht de eerste astronomische waarneming vanuit een vliegtuig gebeurde aan boord van een US-Navy DeHavilland DH-4B dubbeldekker tijdens de zonneeclips van 10 september 1923. Captain Albert Stevens kreeg de taak om vanaf 5 500 m hoogte het precieze traject van de schaduw op Amerikaans grondgebied te documenteren. De fotograaf in de achterste cockpit nam tevens een dertigtal foto’s van de Zon, maar de eclips werd niet duidelijk genoeg op fotografische plaat vast gelegd.

Gepubliceerd in Observatoria

Op 20 februari 2012 is het precies vijftig jaar geleden dat de Verenigde Staten voor het eerst een Amerikaanse ruimtevaarder in een baan om de Aarde brachten. De Mercury-Atlas 6 missie maakte deel uit van NASA’s Project Mercury en werd uitgevoerd door de Amerikaanse ervaren testpiloot John H. Glenn. Ondanks het feit dat John Glenn de eerste Amerikaanse ruimtevaarder werd die zich in een vaste baan om de Aarde begaf, was hij niet de eerste Amerikaan in de ruimte. Voor de ruimtevlucht van Glenn gingen Alan Shepard en Virgil I Grissom al eens de ruimte in. Aangezien beiden een zogenaamde suborbitale ruimtevlucht uitvoerden, maakten zij geen volledige omwenteling om de Aarde en verbleven ze maar even in de ruimte. Voor de Verenigde Staten was een bemande omwenteling om de Aarde van cruciaal belang in het kader van de verdere uitbouw van het bemande ruimteprogramma aangezien de Sovjet-Unie hen op dat vlak al was voorgegaan. De ruimtecapsule van John Glenn, genaamd “Friendship 7”, werd uiteindelijk op 20 februari 1962 in de ruimte gebracht door een Atlas-draagraket. Ook dit was nieuw aangezien de vorige twee astronauten in de ruimte gebracht werden met behulp van lichtere Redstone raketten. Uiteindelijk zou de Mercury-Atlas 6 ruimtevlucht van John Glenn één van de meest heroïsche ruimtemissies uit de geschiedenis worden.

Gepubliceerd in Het Mercury ruimteprogramma
dinsdag, 14 februari 2012 08:10

NASA kiest niet voor Mars

NASAOp maandag 13 februari 2012 heeft de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA zijn begroting voor 2013 gepresenteerd. Deze loopt van 1 oktober 2012 tot en met 30 september 2013 en bedraagt in totaal 17,7 miljard dollar. Van bezuinigingen is er niet veel te merken aangezien het NASA-budget in 2012 slechts 59 miljoen dollar meer bedroeg (0,3% meer). Wat wel enorm opvalt aan de begroting voor 2013 is dat NASA fors bespaart op planeetonderzoek. Zo gaat het voorziene budget voor Amerikaans planeetonderzoek met ongeveer 20% omlaag. In de praktijk wil dit zeggen dat NASA de stekker trekt uit de geplande ExoMars Trace Gas Orbiter die NASA in 2016 zou lanceren. Daarnaast zal NASA ook geen bijdrage meer leveren aan de internationale ExoMars rovermissie. In 2009 had NASA nog beloofd om ongeveer 1 miljard euro te investeren in dit project. Voor het Europese ruimtevaartagentschap ESA en zijn lidstaten is dit zeer slecht nieuws aangezien de ExoMars Marsrover een Amerikaans-Europees project was. Europa hoopt nu dat het ExoMars-project toch nog kan gered worden met Rusland als nieuwe partner. Waar wel meer geld wordt aan uitgegeven binnen het NASA-budget voor 2013 is nieuwe ruimtevaarttechnologie en commerciële bemande ruimtevaart. Zo zal NASA aan de ontwikkeling van een nieuwe, zware draagraket en bijhorende bemande ruimtecapsule in 2013 maar liefst 2,9 miljard dollar spenderen. Het voorziene budget voor de opvolger van de Hubble ruimtetelescoop, de James Webb Space Telescope, blijft met zijn 628 miljoen dollar ook ongewijzigd. 

Gepubliceerd in Algemeen

Sagittarius A*Dankzij gegevens afkomstig van de Amerikaanse Chandra röntgentelescoop vermoeden astronomen dat het grote zwarte gat, dat zich in het centrum van de Melkweg bevindt, asteroïden en kometen verslindt. Deze theorie zou alvast de opflakkeringen van uitgezonden röntgenstraling verklaren die in het gebied van het zwarte gat regelmatig worden waargenomen. Het zwarte gat is ruim vier miljoen keer zo zwaar als de zon en bevindt zich in het sterrenbeeld Boogschutter (Sagittarius). NASA's Chandra ruimtetelescoop heeft de afgelopen jaren minstens één keer per dag het superzware zwarte gat in het centrum van de Melkweg, dat gekend is onder de naam Sagittarius A*, waargenomen. Uit deze waarnemingen blijkt dat Sagittarius A* opflakkeringen vertoont waarbij het zwarte gat enkele keren tot bijna honderd keer meer röntgenstraling produceert dan normaal. Deze opflakkeringen duurden vaak enkele uren en werden ook waargenomen met ESO's very Large Telescope in Chili. Astronomen vermoeden nu dat zich rond Sagittarius A* een wolk van miljarden kometen en asteroïden bevindt die afkomstig kunnen zijn van een nabij gelegen ster. Objecten die zich uiteindelijk op minder dan 150 miljoen kilometer van het zwarte gat begeven, zouden door de sterke getijdekrachten verbrijzeld worden. De brokstukken die naar het zwarte gat vallen, passeren het hete gas dat dat zich rondom Sagittarius A* bevindt en veroorzaken als laatste stuiptrekking röntgenstraling. Deze reactie is vergelijkbaar met meteoren die de dampkring van de Aarde binnenvliegen en vervolgens door verhitting gaan gloeien. De astronomen gaan ervan uit dat er objecten groter dan tien kilometer nodig zijn om de waargenomen röntgenstraling te kunnen veroorzaken. Verder röntgenonderzoek van Sagittarius A* moet uitwijzen of de sterrenkundigen gelijk hebben.

Gepubliceerd in Heelal
Pagina 1 van 6