1. Soorten telescopen
a) Refractor telescoop
Bij deze telescoop wordt een lens als objectief gebruikt waarmee de binnenkomende lichtstralen gebroken worden om het beeld te vormen. Een refractor telescoop heeft een gesloten buis. Daardoor kunnen er zich geen luchttroebelingen voordoen tussen objectief en oculair.


b) Reflector telescoop
Hier wordt een spiegel als objectief gebruikt waarmee de lichtstralen weerkaatst of gereflecteerd worden om het beeld te vormen. Het beeld wordt in de buis opgevangen door een vangspiegel die het beeld buiten de buis weerkaatst. Deze vangspiegel, die midden in de invallende stralenbundel ligt, zal iets van de lichtsterkte wegnemen en ook het beeldcontrast wordt verminderd. Deze telescoop heeft geen kleurfouten.


c) Catadioptische telescopen
Catadioptische telescopen gebruiken zowel lenzen als spiegels. Het woord klinkt misschien vreemd maar als we het type Schmidt-Cassegrain vermelden gaat er bij velen wel een belletje rinkelen. Dit type kwam in de jaren '70 op de markt en vond snel zijn plaats tussen de reflectors en refractors die al veel langer bestonden.


2. Objectief - oculair
Objectief: is het lenzensysteem dat op het object gericht is en waardoor het licht in de kijker komt
Oculair: is het lenzensysteem dat op het oog gericht is
Opmerking: een sterrenkijker geeft een omgekeerd beeld
3. Vergroting
Je kan de vergroting uitrekenen door de brandpuntsafstand van het objectief te delen door de brandpuntsafstand van het oculair
4. Lichtsterke en lichtzwakke telescopen
Wat je kan waarnemen aan de sterrenhemel, is afhankelijk van:
- De hoeveelheid licht die het objectief opvangt, de diameter van het objectief
- Brandpuntsafstand van het objectief
5. Magnitude
De sterren hebben een bepaalde helderheid. Ze worden ingedeeld in helderheidsgroepen.
De helderste sterren hebben magnitude 0.
Sterren die 2,5 maal zwakker zijn hebben magnitude 1.
Sterren die nog eens 2,5 maal zwakker zijn hebben magnitude 2.
Sterren die nog eens 2,5 maal zwakker zijn hebben magnitude 3.
Enzoverder...
De magnitude-indeling loopt van -26 tot +24 (de zon is -26, volle maan is -13 en de poolster +2).
6. Monteringen
De montering van de telescoop is zeer belangrijk.
De meest gebruikte is een azimuthale montering. Deze is draaibaar in 2 richtingen (horizontaal en in de hoogte).
Je hebt ook nog een equatoriale montering. Deze wordt het meest gebruikt om de sterren goed te kunnen volgen.

